Hoe krijg ik meer natuur op school?
Elke school kan natuur op haar terrein brengen, zelfs al is er niet veel plaats. Er bestaan enorm veel mogelijkheden om een speelplaats niet alleen groener, maar ook avontuurlijker of leuker te maken.
Enkele mogelijkheden:
- gevelgroen
- natuurlijke omheining
- natuurlijke ondergrond
- zitten en spelen met natuurlijke materialen
- struiken en bomen
- bloemen en planten
- kruiden
- moestuin
- kleinfruit
- fruitbomen en leifruit
- water
- brood bakken
- dieren
- groendak of daktuin
- een openluchtklas
- een echte natuurspeelplaats waar deze elementen worden gecombineerd
Tip 1 Betrek leerlingen, medewerkers en ouders
Acties rond natuur zijn pas succesvol als u ze samen doet. Hoe meer u leerlingen, schoolteam en ouders betrekt, hoe meer succes.
Bij natuur op school is het belangrijk dat u rekening houdt met de noden en wensen van leerlingen, medewerkers en ouders. Denk bijvoorbeeld aan volgende vragen:
- Wat willen leerlingen? Wat vinden zij leuk of spannend?
- Zijn er leerkrachten, ouders of buurtbewoners met groene vingers?
- Zijn er leerkrachten bereid om tijdens hun lessen met de leerlingen in de tuin te werken?
- Hoe vuil mogen leerlingen worden van hun ouders?
- Hoe vuil mag de gang worden van het schoonmaakpersoneel?
- Zijn er ouders of buurtbewoners die tijdens vakantieperiodes voor de tuin willen zorgen?
- Kan uw school ook hulp krijgen van buitenaf?
U kunt iedereen op verschillende manieren betrekken. Leerlingen kunnen zelf hun droomspeelplaats ontwerpen of de leukste foto’s uit een verzameling kiezen. Of bezoek met hen een avontuurlijk stukje in het park of speelbos en kijk waar ze het liefst mee spelen. Het is ook heel leuk om ouders hierbij te betrekken.
Zoekt u meer tips? Lees dan de brochure voor EcoScholen of vraag tips aan uw ecoadviseur.
Tip 2 Denk goed na voor u plant
Welke planten zijn giftig? Wat moet u doen om ervoor te zorgen dat een boom de speelplaats niet kapotmaakt? Allemaal nuttige vragen, want niet alle bomen en planten zijn geschikt voor alle plekjes op uw speelplaats.
Veel hangt af van:
- de standplaats (zon, schaduw of halfschaduw?)
- de grondsoort (klei, leem of zand?)
- de boom- of plantsoort
- de beschikbare ruimte
- de tijd die u hebt voor het onderhoud
- het doelpubliek
Een plant die veel zon nodig heeft, groeit bijvoorbeeld niet op een schaduwrijke standplaats.
Onderaan deze pagina vindt u een handleiding voor standplaatsonderzoek en een checklist. De ingevulde checklist kunt u aan uw ecoadviseur bezorgen. Zij kan u dan adviseren over de plantenkeuze. Ze betrekt indien nodig ook de groendienst of de compostmeester bij uw natuurproject.
Tip 3 Hou rekening met bloei- en oogsttijden
Hou bij uw keuze voor planten, bloemen en gewassen steeds rekening met de bloei- of oogsttijd. Let erop dat die niet volledig in de vakantieperiodes valt.
Zorg ook dat er het hele jaar door iets te beleven valt:
- herfst: vruchten, noten en herfstverkleuring
- winter: wintergroene planten, winterbloeiers en wintersilhouetten
- lente: knollen en bollen
- zomer: bloemen en planten
Tip 4 Ga voor inheems
Zoek het niet te ver van huis en kies voor inheemse bomen en planten. Ze zijn volledig aangepast aan ons klimaat, bodem en ecosysteem en daarom ook beter bestand tegen ziekten en plagen.
Exotische bomen en planten overwoekeren misschien inheems groen. Dat is slecht voor de biodiversiteit. Planten en bomen krijgen zo geen kans meer om te groeien. Ook dieren die rond inheems groen leven, verdwijnen. Als u nieuw groen wilt aanplanten, ga dan zeker voor inheemse of ingeburgerde soorten.
Tip 5 Kies voor ecologisch onderhoud
- Gebruik geen pesticiden, herbiciden, fungiciden, kunstmest of andere chemische middelen voor het onderhoud van uw tuin. Deze zijn niet alleen slecht voor de natuur, maar ook ongezond voor kinderen die ermee in contact komen.
- Composteer. Zo verkleint u de afvalberg en kunt u uw grond natuurlijk verrijken. Een Antwerpse compostmeester brengt uw compostwerking graag op gang.
- Zoek bij de aankoop van zaden en planten naar biologische producten.
Tip 6 Het beste onderhoud is geen (of weinig) onderhoud
Hou vanaf het ontwerp en de aanplant rekening met het onderhoud en maak een duurzaam en onderhoudsarm plan. Bij een onderhoudsarme aanleg spaart u tijd, moeite en het milieu:
- Kies voor inheemse planten en bomen.
- Kies voor planten en bomen die aangepast zijn aan de standplaats en het (micro)klimaat.
- Hou bij het planten van een boom of struik rekening met de grootte als hij volgroeid is.
- Om schimmelvorming te voorkomen, zet u planten beter niet te dicht bij elkaar.
- Kies voor gemengde begroeiing.
- Kies het liefst voor meerjarigen in plaats van eenjarigen of voor planten die jaarlijks bovengronds afsterven.
- Laat indien mogelijk afgestorven plantenresten liggen.
- Kies voor een traag groeiend grasmengsel als u een grasveld wilt dat u niet vaak hoeft te maaien. Bijvoorbeeld smal fakkelgras of barkoel. Gras hoeft ook niet altijd kort te zijn: lang gras creëert speelkansen.
- Kies voor sterke grassoorten als u een grasveld wilt dat tegen een stootje kan. U kunt een speciaal speelgazonmengsel kopen dat bestaat uit verschillende soorten stevig gras. Die vormen samen een dichte groene grasmat.
- Bedek de bodem om onkruid te vermijden. Kies het best voor groenbemesters of dek de bodem tijdelijk af met bijvoorbeeld verhakseld hout.
- Zorg dat natuurlijke vijanden van ongedierte naar uw schooltuin komen. Gebruik hiervoor zo veel mogelijk verschillende plantensoorten. Zorg ook voor beschutting.
Tip 7 Wat met vuile kleren?
Kinderen die in en met de natuur spelen, worden natuurlijk af en toe vuil. Dat kan helemaal geen kwaad, maar voor sommige ouders of voor de onderhoudsploeg kan dit een grote aanpassing zijn.
Bespreek daarom uw plannen op voorhand met de ouders. Maak hen warm voor het idee met leuke foto’s, een infomoment of een uitje met kinderen naar een natuurrijke speelplek. Spreek duidelijk af waar voor hen de grens ligt. U kunt ook compromissen sluiten. Spreek bijvoorbeeld af dat ouders hun kinderen niet met hun mooiste kleren naar school sturen. Of zorg voor elke leerling laarzen en eventueel zelfs een speeloveral of regenpak. Koop die spullen bijvoorbeeld in de Kringwinkel.
Het onderhoudsteam kunt u tegenmoet komen door te werken met matten, laarsjes en pakjes die aan de deur worden aan- en uitgedaan, en door goede afspraken te maken.
Hebt u al een groene speelplaats? Meld nieuwe ouders dan bij de inschrijving al hoe uw school staat tegenover spelen en vuile kleren.
Zijn er toch klachten? Leg de ouders dan uit hoezeer hun kind heeft genoten en geleerd van zijn of haar speelavontuur.
Tip 8 Veilig spelen, niet veilig vervelen!
Kinderen klimmen en klauteren graag, maar is dat allemaal wel veilig? Deze bezorgdheid steekt in het begin vaak de kop op. Dat is heel begrijpelijk. Toch vinden in groene speelplaatsen gemiddeld minder ongelukken plaats.
Groene speelplaatsen bieden kinderen ook de kans om in een beschermde omgeving met risico’s om te leren gaan. Kinderen worden overal met gevaren geconfronteerd en leren er daarom het best zo vroeg mogelijk mee omgaan. Een speelplaats met toezicht biedt uitstekende leerkansen bij het omgaan met risico’s. Zo kunnen kinderen en jongeren de noodzakelijke ervaringen opdoen om zich geestelijk en fysiek te ontplooien.
Volledig risicoloos kan een grijze of groene schoolspeelplaats nooit zijn. Maak altijd een risicoanalyse en een goed ontwerp met aanvaardbare risico’s.
contact
EcoHuis
Turnhoutsebaan 139
2140 Borgerhout
03 217 08 11
fax 03 217 08 88
ecohuis@stad.antwerpen.be
Toon op kaart
publicaties
EcoScholen infoboekje natuur (pdf, 906.97 kB)Handleiding voor standplaatsonderzoek (pdf, 132.85 kB)
Checklist natuur voor EcoScholen (doc, 52 kB)
links
Technische handleiding vergroeningWerkboek vergroening basis (8,4 MB)
Werkboek vergroening secundair (10,5 MB)
Milieuzorg op School
verwante info
Word EcoSchoolGroenvormen voor school
Kinderboerderij
Compostmeesters